![]() |
||
|
Helemaal op het einde van de eeuw liet de internationaal bekend geworden Constantin Meunier (1831-1905) zich in de Abdijstraat een woning met atelier bouwen. Hij bracht er de laatste vijf jaar van zijn leven door. In 1936 kocht de Staat dit huis alsook de aanzienlijke collectie van meer dan 700 kunstwerken die er werd bewaard. In 1939 ging het open voor het publiek. In dit huis, dat werd toegevoegd aan de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België en gerenoveerd in 1986, wordt een keuze van ongeveer 150 werken en documenten tentoongesteld. Ze laten vooral de evolutie zien die de meester tussen 1875 en 1905 doormaakte, de periode die hij zelf zijn tweede leven noemde. Toen wijdde hij zijn talent aan de sociale en industriële aspecten van België, aanvankelijk in de schilder- en tekenkunst en vanaf 1885 opnieuw in de beeldhouwkunst, waarin hij ook een van de allergrootsten werd. Met doeken als De gebarsten smeltkroes komen belangrijke beelden als De smeder overeen. Meunier creëerde een heel volk uit gips en brons, waarmee hij een stempel op zijn tijd drukte en nog lang de realistische kunst in de eerste decennia van de 20ste eeuw beïnvloedde. |
||